Sinds de verrekte dag waarop ik door een groep agenten uit de vrachtwagen, waarin ik me naar Engeland smokkelde, werd gehaald, zit ik hier in dit asielcentrum in België. Ik vind het leven hier saai en er is hier helemaal geen kloten te doen.

Vandaag was weer een dag zoals alle andere. Enkel deze ochtend iets voor zeven, bemerkte ik iets grappig. De zwarten uit blok 2 van dit asielcentrum werden helemaal gek, eerst vroeg ik me nog af waarom, maar daarna zag ik dat het miezerige stukje gras onder de wasdraad wit was. Het hele blok waar de zwarten zitten stond op stelten want ik hoorde van een van de zwarten dat de meesten onder hen nog nooit sneeuw had gezien. Naar mijn vermoeden is de enige plek waar ze misschien sneeuw konden zien, op de Kilimanjaro. Toen de Afrikanen de sneeuw wilden vastnemen, moest ik lachen, want het was helemaal geen sneeuw, het was rijm.

Om negen uur ging ik naar de vestiaire, een zaaltje waar de afgedankte kleren van Belgische gezinnen hangen. Toen ik hier toe kwam, kreeg ik 1500 punten, waarmee ik dan bijvoorbeeld een kledingstuk kon kopen. Het reglement schrijft voor dat ik en alle andere personen in dit asielcentrum maar 1 keer per week naar de vestiaire mogen gaan. Ik zou waarschijnlijk elke dag komen om kleren te passen. Ik heb hier toch niets anders te doen. Ik moet toch iets doen om de verveling te verdrijven?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten